Strand

Het blijft een bijzondere ervaring te zien hoe wij, Nederlanders, omgaan met de kust, het strand, de zee en vrije tijd. Zagen we vorige maand hoe een tweetal mensen zich op een boulevard hadden geînstalleerd om naar het strand en de zee te kijken, nu zien we hoe iemand van dat strand gebruik maakt.

Op een enorm stuk strand, dat blijkbaar zo glad is dat er met allerlei voertuigen op gereden kan worden, hangt iemand in een ligbed, waarbij er blijkbaar geen ander doel is dan zoveel mogelijk zonlicht te vangen. Deze standbezoeker kijkt niet naar de zee, onderneemt geen enkele activiteit, heeft geen behoefte aan gezelschap, maar bevindt zich toch op het strand.

Er is verder niemand, noch op het strand, noch in zee. Zelfs de prullenbakken zijn leeg. Toch schijnt de zon, er is schaduw, heel in de verte is er zelfs een verlaten badmeesterstoel te zien. Er is ‘verkeer’ geweest, want ze lligt precies achter het punt, waar de sporen van twee auto’s (een met profielbanden, waarschijnlijk speciaal voor zandvlaktes-woestijnen, stranden) elkaar kruisen. Daarmee wordt de ruimte benadrukt, en de leegte en het raadsel vergroot. Waarom precies dit punt gekozen, zo ver van de zee ? Of is dat omdat het uiteindelijk niet uitmaakt: vrije tijd is niets anders dan niets doen op een plek waar niet gebeurt. Stilstand en leegte op een plek waar het normaal stervensdruk is. Het niets doen is hier een keuze geworden.  De leegte is hierdoor zichtbaarder geworden dan wanneer het strand leeg zou zijn geweest.

 

 

Anthon Fasel

 

fotograaf: 
Michiel Spijkers